Justis en Toezicht op rechtspersonen

Bekijk hoe Justis bedrijven en bestuurders screent

Midden in een rustige straat staat een bedrijfspand. De luiken zijn dicht en naast het gebouw staat een mooie sportauto. Op de gevel hangt een bord met de naam van het bedrijf: 'Nieuwe Zaken'. Van buiten is niet te zien waar dit bedrijf aan werkt.

We blijven even staan om te kijken wat er gebeurt. Een leverancier rijdt meerdere keren met zijn bestelbus door de straat om spullen bij het pand te leveren. Het bedrijf waar hij levert zal wel goede zaken doen!

We houden het gebouw een tijdje in de gaten. Dan vallen ons een paar dingen op. Na een tijdje wordt er een nieuw bord op de gevel getimmerd, over de oude naam heen. De nieuwe naam is 'Louche Zaken'. Niet veel later krijgt het bedrijf wéér een nieuwe naam. Nu heet het 'Valse Zaken'. Wat verwarrend! Zou het nieuwe bedrijf echt een andere eigenaar hebben? Weer wat later worden de ramen van het pand dichtgetimmerd: het bedrijf is dicht.

De leverancier komt er weer aan met zijn bestelbus. Maar nu merkt hij op dat het bedrijfspand gesloten is. Waarom zou het bedrijf dicht zijn?

We gaan even terug in de tijd. Dan zien we een man in pak uit het bedrijfspand komen, die richting de Kamer van Koophandel loopt. Daar geeft hij de wijziging van naam en directeur door in het Handelsregister. Zodra hier iets wijzigt, gaat er automatisch een signaal naar Justis. Het signaal vanuit de Kamer van Koophandel wordt bij Justis automatisch aangevuld met gegevens uit het Justitieel Documentatiesysteem, de Basisregistratie Personen en het Centraal Insolventieregister. Een eerste automatische analyse bij Justis wijst uit of er een risico is dat het bedrijf wordt misbruikt voor criminele activiteiten. Als dat zo is, gaan de experts van Justis aan de slag om te bepalen of er daadwerkelijk sprake is van een verhoogd risico op misbruik.

Bij het bepalen of er sprake is van misbruik werkt Justis samen met andere organisaties zoals de politie, de Belastingdienst, het Openbaar Ministerie, het UWV en het Kadaster. Als de experts van Justis constateren dat er sprake is van een verhoogd risico op misbruik gaat er een risicomelding naar opsporende en handhavende instanties. Deze risicomelding kan voor handhavende en opsporende instanties aanleiding zijn om zelf een onderzoek te starten. Dat kan er bijvoorbeeld toe leiden dat de Fiscale Inlichtingen- en Opsporingsdienst (FIOD) de administratie van het bedrijf in beslag neemt.

Terug naar het bedrijfspand. Een medewerker van de FIOD neemt de administratie van het bedrijf in beslag. Hij laadt een stapel mappen het busje van de FIOD in om nader te onderzoeken.

Vervolgens lopen een medewerker van de FIOD en van Justis samen naar het bedrijfspand. De luiken zijn nog dicht en de sportauto staat nog voor de deur. De twee medewerkers gaan allebei aan één kant van het gebouw staan en duwen er hard tegenaan. Ze schudden flink, zodat alle vier de naamborden er één voor één afvallen. De logo's van 'Nieuwe Zaken', 'Louche Zaken', 'Valse Zaken' en 'Foute Zaken' komen op de grond te liggen. Actie! Door goed samen te werken met andere organisaties draagt Justis eraan bij dat het witwassen en wegsluizen van geld dat allemaal achter de schermen plaatsvond, kan worden aangepakt.

FIOD en Justis schuiven samen de gevel van het bedrijfspand opzij. Zo wordt duidelijk wat er achter de schermen heeft plaatsgevonden. Stapels met bankbiljetten lagen in het gebouw opgeslagen. Er werd geld witgewassen en weggesluisd! Om dat weer te geven, zoeft een vliegtuigje over de straat, die met een grote zak over het bedrijfspand heen vliegt en de bankbiljetten oppikt. In grote letters staat 'Bahama's' op het vliegtuig, om zijn bestemming aan te geven. De crimineel probeert met zijn witgewassen geld te ontkomen.

Ondertussen staat zijn mooie sportauto nog steeds naast het pand. Een grote takel tilt hem op. De auto wordt in beslag genomen. Ook rijdt een politieauto de straat in. Hij stopt voor het bedrijfspand en een politieagent met snor stapt uit. Hij loopt op het gebouw af, waar net een man in pak verschijnt. Er wordt een balkje voor zijn ogen getoond, zodat hij onherkenbaar is. De crimineel wordt in de boeien geslagen en in de politieauto gestopt. De luiken van het pand worden dichtgetimmerd.

Daarna rijdt het busje met de leverancier weer de straat in. Ditmaal gaat hij het dichtgetimmerde bedrijfspand voorbij. Bij een gebouw verderop stapt de leverancier uit en geeft hij een pakket af. Hij levert nu aan een betrouwbaar bedrijf en loopt minder risico dat zijn facturen niet betaald worden.

In de straat blijkt meer niet in de haak. Het garagebedrijf heeft een nieuwe directeur gekregen. Justis ontvangt daarover een signaal van de Kamer van Koophandel. Uit de automatische analyse blijkt dat de directeur twee jaar geleden veroordeeld is wegens drugshandel. Justis doet navraag bij de Douane. Het bedrijf bestelt niet alleen auto-onderdelen maar voert volgens de Douane ook chemische middelen in die niets met het repareren van auto’s van doen hebben.

Al deze feiten – de nieuwe directeur, de veroordeling voor drugshandel en de gegevens van de Douane – leiden tezamen tot de opstelling van een risicomelding door Justis. Deze melding gaat naar de politie.

De politie gaat naar het garagebedrijf toe. Twee rechercheurs observeren vanuit de auto het pand. Het valt op dat ‘buiten kantoortijden’ steeds vrachtwagens af- en aanrijden.

Laat in de avond stopt voor het pand een busje met materialen. De agenten besluiten dat dit verdacht is. Ze gaan het pand binnen. Achterin het pand is een drugslab. Er staan vaten met chemische stoffen waarmee verdovende middelen worden gemaakt. Gevaarlijk voor de omgeving. De directeur van het pand en een medewerker worden gearresteerd. Specialisten van de politie ontmantelen het drugslab.

Het Openbaar Ministerie besluit om de directeur van de garage en de werknemer te vervolgen. Ze moeten zich verantwoorden bij de rechter. Op het produceren van (chemische) drugs staan hoge celstraffen.

Zo dragen Justis en de organisaties waar zij mee samenwerkt bij aan een veilige samenleving.